700-039 312-50exam MA0-101exam SK0-004pdf ASF 70-494 pdf 70-673exam C9560-503 98-367 70-534dump NS0-505 70-342exam pdf CHFP 070-410practice exam 1V0-603 pdf 1Z0-804pdf C8010-250 312-50V9 pdf C2150-508 98-368pdf займы онлайн займ на карту кредит онлайн на карту микрозаймы онлайн микрозайм онлайн микрозаймы займы на карту займ онлайн микрозаймы на карту кредит на карту займы онлайн на карту микрозайм на карту кредит на карту онлайн срочный займ на карту займ онлайн на карту
Interviews jazz inside

Published on augustus 16th, 2015 | by Maarten Luyten

0

Inside Jazz – Interview met Jens Tytgat

‘Jazz is hip geworden’, schreef Didier Wijnants in 2013 in De Morgen. Het genre is nog lang niet uitgeput en vindt steeds opnieuw een tweede adem. Het aantal conservatoriumstudenten neemt exponentieel toe en artiesten als Robin Verheyen, Jef Neve en het trio van Dans Dans bevestigen de kwaliteit en de vernieuwing die Vlaamse jazz weet te brengen. Desondanks blijft jazz veeleer in de marge van het Vlaamse muzieklandschap slobberen. Nationale zenders perken het aanbod in en grote zalen kiezen vaker voor voorstellingen die hoge verkoopcijfers garanderen. Hoewel er de voorbije twintig jaar veel veranderd is op het vlak van management, kan je deze agentschappen geen grote organisaties noemen. Het zijn enkelingen, individuen die in achterkamers de lijm van deze sector vormen. In zo’n achterkamer in de Gentse Parkstraat tref ik Jens Tytgat aan, de oprichter van Inside Jazz Management waarbij onder meer Yves Peeters Group,  Nordmann en Rebirth::Collective zijn aangesloten. Zijn bureau is een extra ruimte in het kantoor van Concertorganisator JazzLab Series. Daar ga ik in gesprek met Jens Tytgat. Tijd om de balans op te maken en een blik achter de schermen te werpen van het hedendaagse jazzlandschap.

Inside Jazz

Het Gentse Inside Jazz bestaat officieel sinds 2006. “In feite ben ik nog maar negen jaar werkzaam als manager, maar ik ben wel al elf jaar actief in de sector. Vroeger werkte ik van mijn huisadres, maar na verloop van tijd ging dat niet meer. Doordat je werk thuis ligt, stop je niet met werken. Ik heb vervolgens eens met Mik (Torfs, Jazzlab Series, n.v.d.r.) samen gezeten en hij stelde voor dat ik de ruimte achter zijn kantoor innam. Wij werken nog steeds samen met Jazzlab voor de organisatie van Jazz In ’t Park en het tweejaarlijkse jazzforum. Het is goed voor ons beiden dat we op verschillende vlakken kunnen samenwerken. Zowel inhoudelijk -door expertise te delen-, als kostendrukkend -door een ruimte te delen.” Inmiddels is Inside Jazz uitgegroeid tot één van de grootste Vlaamse managementkantoren. “Tja, een ‘grote’… Dat klopt wel, maar ’t is ook niet moeilijk; we zijn slechts met z’n drieën. Wij, Zephyrus en Aubergine, een erg goed kantoor in Brussel waar onder meer Kris Defoort bij aangesloten is. Internationaal gezien ben ik nog maar een beginner – slechts tien jaar bezig, dat is niets.”

Een nauwe selectie

Met slechts drie managementkantoren in Vlaanderen, dienen onafhankelijke artiesten vaak via andere wegen aan de bak te komen. “Je moet altijd een zekere band met programmatoren opbouwen. Sommige artiesten trekken veel rond of zijn lokaal erg actief. Zo maken ze contacten aan en breidt hun netwerk uit. Vaak maken programmatoren een keuze uit de lokale artiesten die ze kennen of uit de muzikanten die reeds enige naam hebben. Programmatoren krijgen jaarlijks duizenden aanvragen binnen. Als ze je niet kennen, verdwijn je tussen de massa. Soms zeggen muzikanten wel: ‘Ja, maar ik heb gemaild, hoor,’ maar zij zijn slechts één van de velen.” Naast programmatoren, maken ook managers een nauwe selectie. “Ik kies in functie van stijl, samenstelling van groepen of combinaties. Ik wil niet met vijf klassieke trio’s zitten maar probeer een spectrum uit te bouwen waarin zowat elk segment van jazz is opgenomen – van hedendaags tot klassiek. Zo krijg je een divers aanbod en moet je nooit redeneren vanuit de stelling: ‘als ik dit trio boek, kan ik dat andere niet boeken…’“

De juiste muziek, de juiste zaal

“Vaak contacteren programmatoren ons met de boodschap dat ze jazz willen plaatsen. Onafhankelijke artiesten weigeren zulke vragen nooit omdat zij zo veel mogelijk willen spelen. Maar dan gebeurt het wel eens dat hun muziek niet is wat de programmator verwachtte. Het is onze rol om de juiste groep in de juiste zaal te positioneren.” Ook niet elke zaal kan aan de financiële eisen tegemoetkomen. Hoewel onafhankelijke artiesten vaak in cafés en clubs circuleren, kunnen zij hier niet altijd van leven. “Om te beginnen willen wij onze artiesten een degelijk loon geven en ook wij moeten rondkomen. Aangezien cafés vaak een te klein budget hebben, richten we ons veeleer tot de CC’s en de grotere zalen. Sommige CC’s hebben trouwens een enorme achterban voor jazz, zoals OC De Djoelen in Turnhout. Ook Kunstencentra zoals De Roma, de Handelsbeurs en de Vooruit durven vaak creatiever te programmeren. Zeker onze cross-overprojecten sluiten nauw bij hun leefwereld aan. Anderzijds zijn er veel culturele centra die slechts zelden jazz programmeren. Daar ga je geen experimentele free jazz plaatsen. Sommige zalen hebben vooral een ouder publiek, die zitten nu eenmaal niet te wachten op de laatste jazz-rockrevelatie. Ook daar moet je als manager rekening mee houden, zodat je iets kan aanbieden dat hun aanspreekt.”

Jazz in de lift

“De laatste jaren is er bovendien steeds meer vraag naar jazz – althans tot voor de crisis. Jazz zit in de lift. Voor een groot deel ligt dat aan de erg creatieve muzikanten die het genre nieuw leven weten in te blazen. Neem bijvoorbeeld een klassieke jazzpianist als Jef Neve die toont dat wat hij doet ook hip kan zijn. Daarom vinden wij het belangrijk onze muzikanten te activeren om te blijven vernieuwen. Groepen als Nordmann, Manngold de Cobre of Azure Mortal maken volgens mij erg interessante muziek. Tegelijkertijd werken we met klassieke dingen die steengoed zijn, zoals Rebirth::Collective of De Looze/Machtel/De Waele. Zulke muziek is absoluut nodig, maar als iedereen dat doet, is het interessante er ook af. Naar mijn mening zal een genre nooit helemaal verdwijnen maar je kan wel een verzadiging krijgen. Zolang muzikanten nieuwe regio’s opzoeken – en ik denk dat onze bands daar wel van getuigen – blijft jazz leven. Goeie trio’s zal je altijd vinden. Je hebt groepen nodig die tussen de mazen van het net glippen en bruggen bouwen. Zoals Nordmann, die tweede werd op Humo’s Rockrally. Zij hebben stevige rock-invloeden maar desondanks blijft dit jazz. Daarnaast merk je dat jazz nog erg populair is. Een stad als Gent bruist momenteel. Elke avond zijn hier op twee – drie plaatsen jamsessies te beleven en is er een ruim aanbod aan concerten. Door dat grote aanbod komen mensen sneller met jazz in contact. Laagdrempelige initiatieven zoals jazzcafés trekken mensen vaak over de streep. Zo ontdek je immers muziek: door eens uit te gaan en iets te horen waarvan je denkt: ‘Verdorie, dat is wel wijs.’”

Minder van weinig

Waar Gent momenteel een levendige jazz-scene heeft, lag het centrum vroeger veeleer in Antwerpen en Brussel. De laatste jaren is er van een duidelijke shift sprake. De Roma richt zich voornamelijk op buitenlandse of grote projecten en Rataplan moet wegens de besparingen minder jazz programmeren. Maar als je nog minder programmeert van iets wat al weinig geprogrammeerd werd, blijft er niet veel over. In Gent wegen de besparingen trouwens ook door, maar het aanbod blijft vrij stevig. In Gent spreken zalen onderling ook meer af welk programma ze aanbieden, hoeveel jazzconcerten ze plaatsen en wanneer ze die plaatsen, zodat je geen overkill krijgt. Ook Rataplan en De Roma hebben zulke overeenkomsten. Naar mijn mening mag dit veel vaker gebeuren, zo krijg je een evenwichtig aanbod.”

De media vullen hun rol niet in

Ondanks de stijgende populariteit gaat er vanuit de media bijzonder weinig aandacht uit naar jazz. “Vroeger hadden Klara en Radio 1 nog programma’s waar jazz zijn plek had. Die van Radio 1 verdwijnen en die van Klara zijn ook ingekrompen. Ik vind het vooral zonde dat radiozenders steeds programma’s rond één muziekstijl proberen op te bouwen. Dat is niet nodig. In de VS durven ze nog jazz tussen Beyonce en Michael Jackson te draaien. De nummers die wel op de nationale radio gedraaid worden, komen helaas al te vaak van dezelfde major platenlabels. De media vullen op dat vlak hun rol niet in. Het is net hun functie het publiek met meerdere genres in contact te brengen. Ook kranten zwijgen steeds meer over jazz. Didier Wijnants, een erg goede jazzjournalist, werkt niet langer bij De Morgen en het tijdschrift Kwadratuur werd bij gebrek aan recensenten opgedoekt. Soms is er nog aandacht voor jazz, zoals toen de Ancienne Belgique SAX 200 organiseerde. Zulke initiatieven, waar het publiek in contact kan komen met de extreem diverse muziek die jazz is, zijn absoluut nodig.”

Muzikant, ondernemer

Bovendien stelt de eis zich steeds vaker een ondernemende geest als artiest aan te nemen. Waar een eenvoudig telefoontje vroeger volstond om jezelf op een festival te plaatsen, dien je jezelf, jouw kwaliteiten en je ambitie nu actief te verkopen. “Een muzikant moet méér zijn dan enkel muzikant, vind ik. Conservatoria geven geen opleiding in zakelijke ondersteuning terwijl die absoluut noodzakelijk is om meer inzicht te krijgen in hoe alles werkt. Vaak heb ik het gevoel een kunstloket te zijn waar artiesten kunnen vragen hoe ze zalen moeten factureren. Dat is niet de bedoeling, daar dienen opleidingen voor te bestaan. Daarnaast moet je als artiest boven de massa weten uit te springen. Je moet mensen overdonderen wanneer je met hun praat, je moet tonen dat jij de moeite waard bent. Wanneer je als muzikant van veertig nog steeds weifelachtig overkomt, kijkt niemand naar je om.”

Steeds hoger pushen

“Als managementkantoor is het onze verantwoordelijkheid de artiesten uit te pikken die er echt voor kunnen gaan, die klaar zijn voor een hoger niveau. Kijk naar Nordmann, dat zijn keiharde werkers en dat loont ook. Vanuit Inside Jazz kiezen wij steeds voor artiesten waarvan we weten dat ze vroeg of laat de stap naar het buitenland kunnen wagen. En dan proberen wij hun verder te helpen. Je pusht je eigen groepen steeds verder, naar betere muziek en betere exposure. Zo hoop je iets te verwezenlijken. Ook door met concertzalen samen te werken en mee te denken over hun programma kan je enigszins betekenisvol zijn. Het is de connectie die je met mensen aangaat, de kennis die je opdoet over hun noden en jouw betrachting daarin mee te denken, die ervoor zorgt dat jij als manager enigszins jouw stempel kan drukken op deze wereld. Of ik met Inside Jazz werkelijk iets teweeg breng, weet ik niet. Het is alleszins de moeite waard om op kleine schaal iets te proberen. Zo blijven we proberen, om keer op keer een nieuwe grens te overbruggen en nieuwe hoogten te bereiken.”

Tags: , , , , , , ,


About the Author


Back to Top ↑

CPSM1 CQE CSQA CSSBB CSTE CTAL-TA_Syll2012 E20-002 E20-005 E20-329 E20-517 E20-547 E20-891 642-874 642-889 642-998 642-999 644-066 644-068 646-048 646-205 646-985 648-244 648-247 9A0-150 9A0-152 9A0-154 9A0-164 9L0-410 9L0-412 9L0-806 A00-202 A00-260 A2010-570 A2010-651 1z1-051 Certification 1Z1-052 1Z1-061 1Z1-102 1Z1-456 1Z1-457 1Z1-506 1Z1-560 200-001 200-530 220-801 dumps CPA CPP CTAL-TM_Syll2012 E10-001 E20-007 E20-335 E20-370 E20-485 E20-545 E20-597 E20-690 E20-816 E20-818 E20-885