700-039 312-50exam MA0-101exam SK0-004pdf ASF 70-494 pdf 70-673exam C9560-503 98-367 70-534dump NS0-505 70-342exam pdf CHFP 070-410practice exam 1V0-603 pdf 1Z0-804pdf C8010-250 312-50V9 pdf C2150-508 98-368pdf займы онлайн займ на карту кредит онлайн на карту микрозаймы онлайн микрозайм онлайн микрозаймы займы на карту займ онлайн микрозаймы на карту кредит на карту займы онлайн на карту микрозайм на карту кредит на карту онлайн срочный займ на карту займ онлайн на карту
Essays Krapp's Last TapePart of the 2011 Next Wave FestivalDec 6 (Gala), 8—11 & 13—17, 2011 at 7:30pmDec 10, 14 & 17, 2011 at 2pmDec 11 & 18, 2011 at 3pmDec 11 at 7:30pm & Dec 14 at 2pm—Best availabilityUS PremiereThe Gate Theatre (Dublin)Writt

Published on februari 18th, 2015 | by Ginette Bauwens

0

‘Krapps laatste band’: à la recherche du temps perdu

In Krapps laatste band oefent Samuel Beckett kritiek uit op de naamloosheid van onze maatschappij. Wij leven steeds meer in een naamloze tijd waarin wijzelf bijna automaten worden. Bijna staat ieder voor zichzelf alleen, bijna herkent niemand zichzelf meer. Onze lichamen hebben geen huizen meer, onze zielen zwerven verlaten door de wereld, ze geven of krijgen bijna geen warmte meer.

Het dagelijkse leven zoals het verschijnt is één groot verraad. Door reeksen samenzweringen van weinigen wordt het leven en sterven van velen aan banden gelegd. De mens staat tegenover een naamloze overmacht die de mens misbruikt. Wij leven in een illusionaire wereld die voor echt en ernstig wil doorgaan. Als automaat handelen geschiedt in verveling. De verveling is de psychische tering van de moderne mens, de bron van wreedheid, een reëel nihilisme dat hoort bij de huidige techniek en de dood van de mythe. De mens leeft gebukt onder een gevoelloze maatschappij die de algemene domheid voorhoudt.

De maatschappij praat en schept illusies, maar ze geeft zich niet bloot. De reclame overdondert de wereld met slogans, die ook illusies oproepen van eeuwige jeugd en nooit meer eenzaamheid. Illusies die de mens graag koestert, want zonder wordt men geconfronteerd met het fundamentele drama van het menselijke bestaan. Reclame toont ons de dingen zoals ze niet zijn, een droomwereld. Reclame is manipulatie van de mens, een soort propaganda. Waar het om gaat, is de juiste formules te vinden die kunnen inslaan om alles te verkopen. De menselijke vragen die niet wetenschappelijk van aard zijn worden in onze koopwarenmaatschappij met opzet miskend.

De techniek en de wetenschap kunnen goede dingen doen, maar ze kunnen ook gevaarlijk zijn en ze kunnen het bestaan van de mens grondig wijzigen. De jodengenocide en de atoombom hebben voldoende aangetoond waartoe de toepassing van technische mogelijkheden in dienst van een bepaald idee kunnen leiden. Ondertussen leren we wat drones teweeg kunnen brengen.

De mens kan alleen echt leven in een innig intersubjectieve dialoog met de anderen. In onze maatschappij gaat het echter helemaal de andere richting uit, en dat is niet de enige paradox van de huidige menselijke situatie. Men kan zich enkel nog afvragen of in de komende tien jaar een apocalyptische uitbarsting van woede en wanhoop nog te vermijden is. Ziehier in het kort de problematiek die Samuel Beckett op het toneel brengt in zijn stuk Krapp’s last tape, een stuk dat grote gelijkenissen vertoont met zijn stuk Eh Joe.

Krapp (krab, kreeft: het dier dat bekend staat omdat het in plaats van vooruit achteruit zwemt, of crab: brompot, of crap: onzin, larie, catch a crab: het achterovervallen door de riem te diep in het water te steken, of ook het Franse crapule) is een antiheld, een enge man, een clown. Krapp leeft op zijn kamer en hij gebruikt zijn tijd om rond te draaien, om zijn leven te aanhoren, een levende dode of een dode levende, bijziend en doof. Hij zit aan zijn tafel en denkt door middel van een bandopname over zijn leven. Een denken dat gepaard gaat met ergernis.

De oude Krapp roept via de bandopname een amoureuze, erotische geschiedenis op die vaak gepaard gaat met geheimzinnige details. De bandopnemer wordt gebruikt als middel om de herinnering te actualiseren, niet om het verleden als verleden te vertellen. Het verleden wordt tegenwoordige tijd, een onderdeel van het heden. “Toen”, ”nu”, “elders” en “hier” worden in een problematische verhouding gesteld. Alles wordt gezegd en wat we zien is enkel een stem die we horen. De bandopnemer geeft geen uitleg, hij toont eigenlijk enkel het heden. Tussen het verleden en het heden is er zoveel gebeurd dat Krapp zich onmogelijk de toekomst kan voorstellen. Krapp is eigenlijk een anti-Proust: de teruggevonden tijd bestaat niet, maar is een illusie. Hij probeert iets reëels te vinden, maar dat lukt hem niet.

De bandopnemer is de kritische echo van Krapps eigen stem, een weerklank van wat hij ooit voor mogelijk hield, toen hij nog hoopte op een betere toekomst. Hij hoort zichzelf als overlevende die nog leeft. Zo toont ons een fotoalbum de slijt van de tijd. Zijn geheugen is in verval, het hele leven ligt achter hem, de band die hij beluistert vertelt zijn afscheid van de liefde. Zijn herinnering is chaotisch, hij is vervreemd van zijn eigen stem, vervreemd van de woorden die hij gebruikte. Krapp spreekt met misprijzen over de kleine zot die hij ooit geweest is. De cynische grijsaard heeft niet veel meer overgehouden aan menselijke kenmerken – zijn sterk uitgesproken zin in alcohol misschien? Zijn bananen, twee, drie eet hij er, met moeite afziend van een vierde – een povere herinnering aan zijn vroegere vitaliteit. Zijn oude liedjes, afgezaagd en toonloos. Zijn monoloog is eigenlijk een dialoog, en men verwacht soms dat een derde tussenbeide zal komen. Een arbiter? De tijd?

Tussen zijn verleden dat hij niet meer herkent en zijn toekomst die onzeker is verdwijnt het heden. Krapp is slaaf van de tijd en van de dood. Het is de dood die in dit stuk triomfeert.

Herinneringen aan de toekomst, de lichtheid van een visioen, duizenden wensen.

“Nu wens ik niets meer”. Zo eindigt de pantomime. Passages worden hernomen. Tot driemaal toe herneemt hij het gedeelte van zijn liefdesrelatie, als een masochist. Het is hopeloos, het heeft geen zin om verder te zoeken, zoals Krapp zelf aan zijn geliefde uitlegt.

Het moment, een oogwenk, een ogenblik, de stilte waar alles eindigt. Krapp, een verderfelijke schrijver, verroest in zijn eenzaamheid en zijn ouderdom, is een aflijvige voor wie de dood de essentie van het leven geworden is. Heel zijn bestaan is weg, verzakelijkt. Het is het enige stuk van Beckett waarin hij een liefdesrelatie zo weergeeft. Meestal scheidt hij het koppel (we denken aan Nagg en Nell in hun vuilnisbakken in En attendant Godot). Enkel vrienden stelt hij onafscheidelijk voor. Liefde brengt Beckett als afwezigheid.

De bandopnemer heeft een organische functie, hij stelt het probleem van tijd en ruimte, de dualiteit van geest en lichaam. De bandopnemer is het enige subject in dit stuk dat het lokaliseerbaar maakt in de tijd. De rest is tijdloos, doelloos en bodemloos, zoals Krapp zelf. Het gebruik van de  bandopnemer duidt op de anonieme maatschappij waarin we leven (in de tijd dat het stuk werd geschreven denken we aan het Watergateschandaal en de spionagediensten, nu zijn deze technieken nog verder geëvolueerd).

De problematische verhouding met de bandopnemer vindt men terug bij Charlie Chaplin en The Marx Brothers en later ook in nouvelle-vague-films zoals L’année dernière à Marienbad (Alain Robbe-Grillet en Alain Resnais) en zeer uitgesproken in Hiroshima mon amour (Marguerite Duras en Alain Resnais). Ze leggen de nadruk op het menselijke geheugen, wat ongetwijfeld te maken heeft met de historische omstandigheden. Verleden en tegenwoordigheid worden in de film gebracht, het primaire idee van de cinema – het verleden actueel maken. Met andere woorden: het probleem van de dood.

Tags:


About the Author


Back to Top ↑

CPSM1 CQE CSQA CSSBB CSTE CTAL-TA_Syll2012 E20-002 E20-005 E20-329 E20-517 E20-547 E20-891 642-874 642-889 642-998 642-999 644-066 644-068 646-048 646-205 646-985 648-244 648-247 9A0-150 9A0-152 9A0-154 9A0-164 9L0-410 9L0-412 9L0-806 A00-202 A00-260 A2010-570 A2010-651 1z1-051 Certification 1Z1-052 1Z1-061 1Z1-102 1Z1-456 1Z1-457 1Z1-506 1Z1-560 200-001 200-530 220-801 dumps CPA CPP CTAL-TM_Syll2012 E10-001 E20-007 E20-335 E20-370 E20-485 E20-545 E20-597 E20-690 E20-816 E20-818 E20-885